Huisvesting kinderopvang
Als ouder wil je weten of je kind wordt opgevangen op een veilige, gezonde en prettige plek. De oudercommissie kan hierover vragen stellen en advies geven. Bijvoorbeeld over de inrichting van de ruimtes, ventilatie, brandveiligheid en rookvrije kinderopvang.
Waar moet een kinderopvanglocatie aan voldoen?
De houder van een kinderopvangorganisatie moet zorgen voor goede en veilige kinderopvang. Dat staat in de Wet kinderopvang. Het gebouw en de buitenruimte moeten veilig en gezond zijn voor kinderen.
De binnen- en buitenruimte moeten passen bij de leeftijd van de kinderen, het gebruik van de ruimte en de pedagogische visie van de organisatie. Ook moet de locatie voldoen aan eisen van onder andere de brandweer, gemeente en GGD.
Veiligheids- en gezondheidsbeleid
Een kinderdagverblijf, peuteropvang of buitenschoolse opvang moet een actueel veiligheids- en gezondheidsbeleid hebben. Daarin staat welke risico’s er zijn en welke maatregelen de organisatie neemt om grote risico’s voor kinderen te voorkomen.
Niet alle risico’s kunnen helemaal worden voorkomen. Daarom moet de organisatie ook beschrijven hoe kinderen leren omgaan met kleine risico’s. Wat een groot of klein risico is, hangt af van de situatie op de locatie.
De toezichthouder van de GGD controleert bij een inspectie of het beleid aanwezig, actueel en passend is. Voor gastouderopvang geldt dat er elk jaar een risico-inventarisatie moet worden gemaakt. De GGD controleert of deze inventarisatie aanwezig is.
Wat kunnen ouders en oudercommissies doen?
Ouders kunnen vragen stellen als zij zorgen hebben over de veiligheid of gezondheid op de opvanglocatie. Bijvoorbeeld over ventilatie, brandveiligheid, rookvrij beleid of de inrichting van de binnen- en buitenruimte.
De oudercommissie heeft adviesrecht op het veiligheids- en gezondheidsbeleid. Zij kan dit onderwerp op de agenda zetten en de organisatie vragen hoe risico’s worden beoordeeld, welke maatregelen zijn genomen en hoe ouders hierover worden geïnformeerd.
Handige vragen zijn bijvoorbeeld: is het beleid actueel? Wordt de luchtkwaliteit regelmatig gecontroleerd? Is duidelijk hoe de locatie brandveilig blijft? En hoe zorgt de organisatie voor rookvrije kinderopvang?
Belangrijke aandachtspunten
Luchtkwaliteit
Goede luchtkwaliteit is belangrijk voor de gezondheid van kinderen. Uit onderzoek blijkt dat de luchtkwaliteit in kindercentra niet altijd goed genoeg is. Te veel kooldioxide (CO₂), allergene stoffen of slechte ventilatie kunnen ervoor zorgen dat kinderen sneller klachten krijgen of ziek worden.
Daarom moet de organisatie aandacht hebben voor ventilatie en regelmatig controleren hoe de luchtkwaliteit is. De GGD kan dit bij een inspectie meenemen. Ouders en oudercommissies kunnen vragen hoe vaak de CO₂-waarde wordt gemeten en wat er gebeurt als de luchtkwaliteit onvoldoende is.
Warmte en kou
Een goed binnenklimaat betekent dat het binnen niet te warm en niet te koud is. Vooral jonge kinderen kunnen zichzelf nog niet goed beschermen tegen hitte of kou. Daarom moet de organisatie vooraf nadenken over maatregelen. Denk aan ventileren, zonwering, voldoende schaduw, extra drinken, rustige activiteiten op warme dagen en passende kleding of beschutte plekken bij koud weer.
Hitte en kou horen thuis in het veiligheids- en gezondheidsbeleid. De maatregelen kunnen per locatie verschillen, omdat elk gebouw, elke buitenruimte en elke groep kinderen anders is. Ouders en oudercommissies kunnen vragen of er een hitteprotocol of afspraken voor winterweer zijn, wanneer deze gelden en hoe ouders hierover worden geïnformeerd.
Rookvrije kinderopvang
Rookvrije kinderopvang betekent meer dan niet roken op de locatie. Het gaat ook om bescherming tegen derdehands rook: schadelijke stoffen uit rook die achterblijven in bijvoorbeeld kleding, haren of meubels.
Ouders en oudercommissies kunnen vragen welk beleid de organisatie heeft om kinderen te beschermen tegen rook en derdehands rook. Lees meer op de pagina Rookvrije kinderopvang.
Brandveiligheid
De houder moet ervoor zorgen dat elke kinderopvanglocatie brandveilig is. Het gaat bijvoorbeeld om veilige slaapruimtes, goede vluchtroutes, rookmelders of een brandmeldinstallatie, brandblusmiddelen en deuren die bij brand goed afsluiten.
Het is belangrijk dat de organisatie regelmatig controleert of de locatie nog brandveilig is. De oudercommissie kan vragen wanneer dit voor het laatst is gecontroleerd en welke afspraken er zijn gemaakt met de brandweer of gemeente.
Duurzame en groene kinderopvang
Een veilige en gezonde opvangomgeving gaat ook over duurzaamheid en groen. Denk aan voldoende schaduw op warme dagen, natuurlijke speelplekken, gezonde materialen en een prettig binnenklimaat. Ouders en oudercommissies kunnen dit meenemen in gesprekken over huisvesting en beleid.
Inspectie vanuit de GGD
De toezichthouder van de GGD controleert tijdens inspecties of de opvanglocatie voldoet aan de wettelijke eisen voor veiligheid, gezondheid en huisvesting. Ouders en oudercommissies kunnen het inspectierapport gebruiken om vragen te stellen aan de organisatie. Lees meer op de pagina Toezicht & handhaving kinderopvang.