Wennen in de kinderopvang of de overgang naar een nieuwe groep? Samen zorgen voor een goede start!
Gaat je kind voor het eerst naar de kinderopvang? Of stapt je kind over naar een andere groep of naar de buitenschoolse opvang? Dan heeft je kind tijd nodig om te wennen. Dat is heel normaal. Ook voor ouders kan deze periode spannend zijn. Een goede start vraagt om tijd, aandacht en duidelijke afspraken tussen ouders en de opvang.
Wat betekent wennen?
Wennen betekent dat je kind stap voor stap vertrouwd raakt met een nieuwe omgeving. Je kind leert de pedagogisch professionals kennen, ontdekt de groep, raakt bekend met andere kinderen en went aan het dagritme. Wennen speelt niet alleen bij de eerste start. Het kan ook nodig zijn als je kind naar een andere groep gaat, start op de bso, naar een andere locatie verhuist of te maken krijgt met nieuwe vaste gezichten op de groep. Maar ook ouders moeten wennen en de kinderopvang en pedagogisch professionals leren kennen.
Wat kun je als ouder verwachten?
Een nieuwe start kan veel indruk maken. Sommige kinderen voelen zich snel op hun gemak. Andere kinderen hebben meer tijd nodig. Ieder kind went op zijn eigen manier en in zijn eigen tempo. Het is heel normaal als je kind in de eerste periode meer huilt bij het afscheid, vermoeider thuiskomt, meer nabijheid zoekt of thuis anders reageert dan normaal. Dat betekent niet meteen dat het misgaat. Het laat vooral zien dat je kind bezig is met een grote verandering. Twijfel je of maak je je zorgen? Bespreek dit dan met de pedagogisch professional of de leidinggevende. Samen kun je kijken wat je kind nodig heeft.
Ook ouders moeten wennen
Wennen gaat niet alleen over je kind. Ook als ouder moet je eraan wennen dat je je kind aan anderen toevertrouwt. Dat kan best spannend zijn. Het helpt daarom als je weet wie voor je kind zorgt, hoe de dag eruitziet en wat er gebeurt als je kind verdrietig is. Dat geeft vertrouwen. Een goed contact tussen ouders en pedagogisch professionals is daarom belangrijk. Ouders kennen hun kind het beste. Pedagogisch professionals kennen de groep, het dagritme en de opvangomgeving. Door informatie te delen met elkaar en met elkaar te overleggen, kan de opvang beter aansluiten bij wat je kind nodig heeft.
Wat helpt bij een goede start?
Een goede wenperiode begint met duidelijke afspraken. Vraag de opvang hoe het wenproces eruitziet en wat er mogelijk is. Soms kan een ouder aanwezig zijn bij een eerste kennismaking, bijvoorbeeld tijdens een speelmoment, verzorgingsmoment of voeding. Dat kan helpen om vertrouwen op te bouwen.
Onderzoek van Roseriet Beijers
Onderzoeker Roseriet Beijers van de Radboud Universiteit doet onderzoek naar de eerste 1.000 dagen van kinderen en naar de overgang van baby’s naar de kinderopvang. Zij benadrukt dat wennen geen los moment is, maar een proces. Tijdens dat proces moeten meerdere dingen tegelijk op gang komen: je kind leert de groep kennen, ouders leren de zorg delen met de opvang, de band tussen kind en pedagogisch professional groeit, ouders en professionals leren samenwerken en je kind leert de andere kinderen kennen.
Dat betekent dat een goede wenperiode niet alleen gaat over het aantal wenmomenten. Het gaat vooral om tijd, aandacht en vertrouwen. De opvang hoeft niet te wachten tot een kind helemaal ‘klaar’ is voor de kinderopvang. De opvang kan ook kijken hoe zij het kind en de ouders goed kan ontvangen en begeleiden.
Roseriet Beijers plaatst ook nuance bij het idee dat wennen altijd schadelijke stress oplevert. Een nieuwe omgeving kan spanning geven, maar dat betekent niet meteen dat kinderopvang slecht is of dat het wennen mislukt. Belangrijk is vooral hoe een kind wordt begeleid: met vaste gezichten, warme aandacht, goede afstemming met ouders en ruimte om stap voor stap vertrouwd te raken.