Peuterspeelzalen

Een peuterspeelzaal is een wijkgerichte voorziening waar kinderen van 2 tot 4 jaar enkele dagdelen (meestal twee) per week komen. De peuterspeelzalen spelen als voorbereiding op het basisonderwijs een belangrijke rol, ze vervullen een brugfunctie van het ouderlijk huis naar school. Daarnaast hebben peuterspeelzalen een signaleringsfunctie. Vanuit het consultatiebureau kunnen ouders geadviseerd worden om hun kinderen naar een peuterspeelzaal te laten gaan.
Het voornaamste verschil met kinderopvang is dat peuterspeelzalen slechts een beperkt aantal uur per dag open zijn en in de basis bestaan ter ontwikkeling van het kind en niet als ‘opvang’. Bij peuterspeelzaalwerk hebben ouders ook geen recht op kinderopvangtoeslag.

Het is leuk om met andere kinderen te spelen, vriendjes en vriendinnetjes zijn belangrijk voor kinderen. Sommige kinderen moeten leren om samen te spelen en samen te delen, terwijl andere kinderen juist moeten leren om voor zichzelf op te komen. Zeker voor een kind dat niet vaak met andere kinderen omgaat, kan dat wennen zijn. Voor deze dingen is in de peuterspeelzaal veel aandacht.

Door te knutselen, te knippen en te plakken, ontwikkelen kinderen hun fijne motoriek. Dit is ter voorbereiding op het (latere) leren tekenen en schrijven. Bij de meeste peuterspeelzalen kunnen kinderen ook buiten spelen. Dat gebeurt in een veilige ruimte en onder toezicht van de leidsters. Kinderen kunnen daar rennen, klimmen, fietsen of in de zandbak spelen, dat is goed voor de grove motoriek.

 
 
Dossier peuterspeelzalen